Zondag 18 mei vertrokken om 10 uur 13 kanoërs vanaf de drijvende steiger voor de sluis van Termunterzijl tussen het gemaal en de jachthaven voor de min of meer traditionele tocht naar Ditzum in Duitsland. De wind was bij vertrek begin 3 Bft en was op de heenweg dan weer wat sterker en dan weer bijna weggevallen. De wieken van de vele windmolens draaiden dan ook traag rond. Op de Eems (eigenlijk Ems in Duitsland) was het een voortdurend komen van plezier en beroepsvaart richting Emden en af en toe een schip op weg naar zee, zodat het zaak was ruim buiten de geul te varen, redelijk dicht langs de strekdam die de Eems van de Dollard scheidt. Het vaarschema was vrij krap omdat het al om 12.45 hoogwater zou zijn in Ditzum. Een uitstapje naar het leuke Petkum tegenover Ditzum (zie vorige tochtverslagen) zat er daarom niet in. Ook voor een uitgebreide wandeling door Ditzum was te weinig tijd. Omdat ik dat al had voorzien, had ik zelf een rabarbertaart gemaakt die we bij het veerhaventje hebben opgegeten. Ditzum wordt geassocieerd met rabarbertaart, misschien ten onrechte, omdat we in paar jaar geleden lekkere rabarbertaart hebben gegeten in een van de cafés aan de haven.
Een paar mensen hebben toch nog een wandeling door Ditzum gemaakt.
Voor half twee zat iedereen weer in de kano voor de terugweg. De wind was inmiddels wat toegenomen met vlagen van 4 Bft. Om beschutting tegen de wind te hebben, staken we de vaargeul over om onder de dijk te varen ten noorden van de vaargeul. Achteraf was dit niet zo slim. De beschutting tegen de wind viel tegen en voor de haven van Emden dreigde een moeilijke situatie te ontstaan waarbij de kanogroep min of meer werd ingesloten door een groot schip dat uit de haven kwam, terwijl tegelijk een vrachtschip ons achterop kwam. Om niet voor de havenuitgang terecht te komen, moesten we tegen de stroom achteruit varen of beter nog oversteken naar de zuidzijde van de geul. Gelukkig bleek het vrachtschip de haven in te moeten, en moest hij wachten tot het grote schip de havenuitgang had verlaten. Toen we zagen dat het vrachtschip stil lag en net als wij achteruit voer, pakten wij de kans om alsnog snel de vaargeul over te steken en zo buiten de vaarwegen van de schepen te komen. Het is duidelijk dat het zo-wie-zo beter is de hele tocht heen en terug ten zuiden van de vaargeul te blijven.
|  |